woensdag 1 september 2010

Sylvia Metman

Zoals we in het vorige artikel schreven zijn we tijdens ons onderzoek in contact gekomen met Sylvia Sindram-Metman, dochter van het hoofd van de school van waarschijnlijk 1937 tot 1953. Toen Sylvia werd geboren op 26 juni 1944 woonde het gezin in Wassenaar. In de oorlog is de familie geëvacueerd naar de Appelstraat in Den Haag. Toen Sylvia 2 jaar was verhuisden ze naar de Wassenaarseweg 55, het huis bij de school.

Ouderlijk huis
Het huis dat bij de school hoorde was een fijn huis. In de voor- en achtertuin stond een appelboom waar kwajongens appels kwamen plukken. Ze hadden herdershonden en een poes. De Bruynzeelkeuken vormde een centrale plek in het huis. Op zaterdagavond gingen ze daar soms kroketten eten. En dan later in de zitkamer tv kijken en spelletjes doen. Er kwamen ook altijd veel vriendinnetjes over de vloer, dat vond haar moeder ook erg belangrijk, omdat Sylvia enig kind was.

Schoolherinneringen
Sylvia zat zelf niet op de kleuterschool die in de school zat. Haar vader leerde haar wel al dingen en ze ging wel eens naar het nulklasje van mevrouw Borgers. Op deze manier kon ze de eerste klas overslaan en begon ze meteen in de tweede klas. Sylvia kijkt terug op een fijne schooltijd. Ze begon nadat ze het nulklasje bij juffrouw Borgers had gedaan in de tweede klas bij juffrouw Bosz . De heer Bouche gaf les in de vierde en de heer Koops in de vijfde klas. In de zesde klas kreeg ze les van de heer Koelma. De kinderen kregen handwerkles van juffrouw van Guchten. Ze leerde de meisjes bijvoorbeeld sokken breien. Jongens kregen tegelijkertijd handenarbeid. De heer Rikkers was de conciërge van de school. Zijn vrouw Grada hielp haar moeder in het huis.



Pensionering van de heer Metman. Anja Haakman en Ineke van Hemmen bieden de heer Metman een aktetas aan. Met dank aan Ineke Spaans-van Hemmen

Ook van de leerlingen herinnert ze nog veel kinderen, bijvoorbeeld Anja Haakman waar ze nu nog contact mee heeft. Ze heeft sinds kort ook weer contact met Ineke van Hemmen. Verder herinnert ze zicht o.a. Hans Stakenburg, Japie Lans, Paul Oord, Hans Oei, Lia de Rotte, Els Dreese, Rolf en Frans Lauret.

Sinterklaas"feest" in de gymzaal, 5 december 1950. Links Ineke van Hemmen, daarnaast Lita, erachter Elsje Dreese en daar schuin achter Anja Haakman. Naast Lita zit Sylvia Metman en links bovenin de foto zit Hannie Smid. Met dank aan Ineke Spaans-Van Hemmen

Na de pensionering in 1953 van haar vader bleef de familie Metman in het huis bij de school wonen. Al kort daarna in 1955 overleed haar vader aan een hartinfarct. Sylvia zat inmiddels op het Maerlantlyceum. Ook daarna bleven Sylvia en haar moeder in het huis wonen. Haar moeder nam daarna kinderen van diplomaten in huis. Soms woonden er wel 7 kinderen in het huis en sliep haar moeder op een uitklapbed in de woonkamer. De meeste kinderen zaten op de middelbare school. Sylvia heeft fijne herinneringen aan die tijd. Voor haar moeder was het hard werken om voor al deze kinderen te zorgen. De zorg ging ver, zo voerde zij bijvoorbeeld voor deze kinderen ook de oudergesprekken op school. En in de avond moest ze de school in om met een grote kolenschop kolen op het vuur te gooien zodat het huis werd verwarmd.

Na school

Ook nadat Sylvia zelf niet meer op school zat, had ze contact met docenten. De heer Koelma noemde zij bijvoorbeeld ‘ oom Jan’. Nadat ze de kweekschool had doorlopen, heeft Sylvia nog een aantal jaar lesgegeven in Den Haag. Eerst op een school in een slechte wijk in Den Haag. Later heeft ze op Wolters lesgegeven, een totaal andere school dan de eerste.

Sylvia is op haar 24ste vanuit haar ouderlijk huis getrouwd. Haar moeder is er tot begin jaren zeventig blijven wonen. Uiteindelijk kon ze door haar ziekte daar niet meer blijven wonen. Daarna is de conciërge van het Maerlant in het huis gaan wonen.

Sylvia woont nu met haar man in Kassel.


Recente foto van Sylvia Sindram-Metman. Bron: http://typo3.p121421.mittwaldserver.info/

dinsdag 29 juni 2010

Karel Johannes Metman

Karel Johannes Metman is geboren op 29 oktober 1888 en overleden op 2 augustus 1955. Hij is hoofd geweest van vele Haagse scholen. Van waarschijnlijk 1937 tot eind 1953 was hij schooldirecteur van de openbare school in Benoordenhout, de toenmalige prof. Casimirschool. Kort na zijn pensionering is de heer Metman op 66-jarige leeftijd overleden.

In een memoriambericht in het mededelingenblad van de school stond het volgende “Met hem is een actieve persoonlijkheid heengegaan, die meer dan 40 jaar het openbaar onderwijs heeft gediend. Met hem is tevens heengegaan en werker voor de school, die hem zo aan het hart lag. Na de grote wereldbrand heeft de heer Metman veel moeite gedaan om voor de school een beter onderkomen te vinden. Hij heeft die toen gevonden in het huidige schoolgebouw, dat na verbouwingen geschikt gemaakt werd voor het onderwijs. Steeds was zijn streven de school zo goed mogelijk te doen zijn en hij had steeds een open oog voor de vooruitgang op het gebied van de paedagogie en de psychologie. Velen hebben kunnen profiteren van zijn gaven op het gebied van het onderwijs, leerlingen zowel als jonge leerkrachten.“

Tijdens het onderzoek zijn we in contact gekomen met de dochter van de heer Metman, Sylvia. Een aantal weken geleden hebben we met haar gesproken. Sylvia is een kind uit zijn tweede huwelijk met Marchiena Elisabeth Harms (tante Gien). Uit zijn eerste huwelijk had hij al een zoon, Charles.


Sylvia, mevrouw en meneer Metman voor hun woonhuis aan de Wassenaarseweg

De heer Metman was altijd bezig voor de school en hij trad sterk op de voorgrond. De kinderen moesten voordat ze naar binnen mochten altijd per klas twee aan twee in de rij gaan staan met hun gezicht naar de woning toe. Vervolgens liepen ze op die manier naar binnen. Ook in de middag werden ze in rijen van twee opgesteld voordat ze naar huis mochten. Naast de school was hij ook actief. De heer Metman was vele jaren secretaris van de commissie tot wering van schoolverzuim.

Ook zijn vrouw deed achter de schermen veel voor de school. Ze naaide bijvoorbeeld de kleren voor optredens. Zoals in die tijd gebruikelijk was bij het hoofd van de school gaf haar vader les aan de zesde klas. Maar na school organiseerde hij ook veel activiteiten zoals huiswerkcursussen, er werd ballet gegeven en vanaf de vierde klas kon Frans worden gevolgd. De heer Metman was zelf een liefhebber van de Franse taal. In de gymzaal werd potten bakken en glas blazen gegeven. Ook waren er geregeld optredens in de gymzaal die druk werden bezocht. Kinderen konden zich opgeven bij hun docent. Zo heeft Sylvia een Frans gedicht voorgedragen en gedanst. Ook studeerden docenten toneelstukken in met de kinderen.

Er werd ook veel aandacht besteed aan de Sinterklaasvieringen. Vaak kwam Sinterklaas daarna nog bij de familie Metman thuis. Sylvia mocht dat een aantal vriendinnetjes meevragen. Ze had altijd veel vriendinnetjes en had er ook geen last van dat haar vader schoolhoofd was. Wel had hij hoge verwachtingen van haar.


Sint bij familie Metman thuis

In 1953 ging haar vader met pensioen. Er werd een feestelijke bijeenkomst gehouden in de gymzaal van de school. Ook de heer Casimir was daarbij. Haar vader kreeg een fiets en een aktetas aangeboden. Haar vader zat na zijn pensionering niet stil. Hij gaf Franse les op een beroepsschool. Nadat haar vader was gepensioneerd konden ze in het huis blijven wonen. De opvolger van haar vader, Jan Koelma, koos ervoor om met zijn vrouw in Rijswijk te blijven wonen.


Metman bij zijn afscheid

woensdag 16 juni 2010

Naar school in oorlogstijd

Artikel in Oud Hagenaar

In de Oud Hagenaar van 23 maart 2010 hebben we een artikel over ons onderzoek geplaatst in de hoop dat mensen op het artikel zouden reageren.

Artikel in Oud Hagenaar

In het artikel gaven we aan dat we nog steeds niet exact wisten waar de school onderdak had gevonden na het bombardement op het Bezuidenhout op 3 maart 1945. Als snel na de plaatsing van het artikel werden we gebeld door mevrouw Verwijs en aangezien zij in de oorlogsperiode op de Openbare Lagere School (OLS) zat, kon zij ons vertellen in welke gebouwen de school had gezeten.

Voor het eerst naar school
Anneke Verwijs werd geboren op 6 september 1933. Haar eerste schooldag zou eigenlijk op 29 augustus 1939 zijn, maar vanwege de mobilisatie werd deze verplaatst naar 11 september 1939. Mevrouw Verwijs woonde aan de Prinsessegracht boven de boekhandel van haar ouders. Ze werd in het begin vaak op de fiets naar school gebracht door een van haar ouders. Ook tussen de middag werd ze meestal opgehaald door haar moeder. Ze liep ook wel naar de school in de Weissenbruchstraat. Omdat Benoordenhout in de oorlog tot Sperrgebiet werd verklaard, ging mevrouw Verwijs op een gegeven moment met een Ausweis naar school. Haar Ausweis zat in een kastje dat om haar nek hing.

Mevrouw Verwijs heeft nog een schoolfoto uit september 1943, ze zit dan ik de 5e klas bij meneer Koops. Waarschijnlijk is deze foto nog in de Weissenbruchstraat genomen aan de raampartij te zien. Op de foto staat middenvoor ook de inmiddels overleden acteur Coen Flink. Mevrouw Verwijs herinnert zich ook nog Loukie Hooftman en Henny Wenchenbach.


Schoolfoto uit september 1943, klas 5 OLS

Louise Henriettestraat
Toen niemand meer het Sperrgebiet in mocht, werd de OLS ingekwartierd bij een school in de Louise Henriettestraat in Bezuidenhout. Van die school herinnert mevrouw Verwijs zich vooral dat ze vaak in de schuilkelders zaten omdat om de haverklap het luchtalarm afging. De kelders waren te bereiken via de binnenplaats van de school. In de kelders hingen lampjes van 5 watt, ze konden daar niet veel meer doen dan zingen. Er werd dan ook veel uit liederenboeken, waaronder Valeriusliederen, gezongen.

Bombardement op Bezuidenhout
Op 3 maart 1945 vond op zaterdagochtend het bombardement op Bezuidenhout plaats. Daarna werd de school een aantal weken ondergebracht bij een school in De Sillestraat, maar daar was het te vol en vervolgens ging de school naar de Nieuwe Schoolstraat. Dat was een school voor slechthorenden. Mevrouw Verwijs zat toen in de zesde klas en kreeg les van meneer Metman. Bijzonder aan die school was dat ze in hoefijzervorm zaten, dit was voor de slechthorende kinderen zodat ze de leraar goed zagen. Ze hadden wel apart les.

Einde van de oorlog
De laatste weken van de oorlog was er geen school meer. Ze hoefde ook geen toelatingsexamen te doen voor de middelbare school. Mevrouw Verwijs heeft nog wel een getuigschrift van de school gekregen.

Getuigschrift

In september 1945 begon mevrouw Verwijs als enige uit haar klas aan de MMS die zat ingekwartierd bij HSV aan de Mauritskade. Wij willen mevrouw Verwijs danken voor de medewerking aan ons onderzoek.

dinsdag 1 juni 2010

Marijke Enninga en de fusie van Nijenrodeschool en de Prof. Casimirschool- deel2

In het vorige artikel gaven we al aan dat Marijke Enninga haar loopbaan is begonnen op de Van Nijenrodeschool. Deze werd later samengevoegd met de prof. Casimirschool, de huidige OBS Benoordenhout.

Gevolgen teruglopende leerlingenaantallen
De Van Nijenrodeschool en de prof. Casimirschool werden samengevoegd omdat beide scholen kampten met teruglopende leerlingaantallen. Uit een foto van het docententeam uit 1986/1987 blijkt dat de Van Nijenrodeschool in 1986 al formeel was samengevoegd met de prof. Casimirschool.


Foto van het team ui 1986-1987. Staand achteraan v.l.n.r. Marijke Enninga, Thomas van Ossane, Iris de Loos

Open dag
Uit die periode heeft Marijke Enninga ook nog een krantenartikel over een Open Dag van de school die op zaterdag werd gehouden. In het stukje is de strijd om leerlingen tussen de concurrerende scholen in het Benoordenhout merkbaar. Marijke geeft aan dat ze op die zaterdag met het hele team heel erg hun best deden om nieuwe leerlingen te krijgen. Op een foto met Astrid Versluys, Christine van Denderen en Marijke Enninga en een aantal leerlingen staat als onderschrift "Zo werkt nou een computer". Toen echt een noviteit. Het hele team had destijds een computercursus gevolgd om computerprogramma's te leren schrijven die vervolgens op een cassettebandje werden opgeslagen!





Gefuseerd, maar nog 2 schoolgebouwen
Een periode zijn beide gebouwen aangehouden. De twee hoogste klassen zaten op de Van Nijenrodeschool en de nieuwe instroom en de jongere kinderen zaten in de Dreibholtzstraat. In die tijd zat Marijke aan de Van Nijenrodestraat. Thomas van Ossane was toen directeur van de school en hij pendelde heen en weer tussen de twee locaties. Toen de gymzaal in de Dreibholtzstraat werd verbouwd tot klaslokalen, zaten alle leerlingen tijdelijk aan de Van Nijenrodeschool.
Ook hadden de scholen toen nog een hoofd van de kleuterschool, voor de Van Nijenrodeschool was dat Astrid Versluis.

Keuze voor het schoolgebouw aan de Dreibholtzstraat
Marijke geeft aan dat destijds is gekozen voor het schoolgebouw aan de Dreibholtzstraat i.p.v. aan de Van Nijenrodestraat omdat dit gebouw voor de gemeente goedkoper was. Bovendien werd door de voorstanders van dit gebouw als argument aangevoerd dat de school verder weg lag van de concurrenten Wolters en de Montessorischool. Marijke was eigenlijk meer gecharmeerd van het gebouw aan de Van Nijenrodestraat waar nu de Tobiasschool in is gevestigd. De school had veel oude accenten, mooie gangen, veel ruimte en meerdere speelplaatsen.

Nieuwe naam
Waarschijnlijk heeft de gemeente voor de naam OBS Benoordenhout gekozen, ook om aan te geven dat dit de openbare school in het Benoordenhout was. Een vader van een leerling heeft destijds het logo voor de school ontworpen.


Schoollogo

Een nieuwe directeur

Op een foto uit schooljaar 1989/1990 staat voor het eerst Peter Link. Hij heeft korte tijd met Van Ossane samengewerkt. Begin jaren ’90 ontstond er discussie over wijze waarop de school werd aangestuurd. Door het bestuur van de school werd iedere docent werd naar zijn of haar mening gevraagd. Gevraagd werd bijvoorbeeld aan welk schoolhoofd je de voorkeur gaf. Dit was een nare tijd. Het resultaat was dat Peter Link de nieuwe directeur werd. Van Ossane is waarschijnlijk rond 1992 vertrokken. Ook Astrid Versluis (hoofd van de kleuterschool) is in die periode vertrokken. Greetje Hartman volgde haar op.



Teamfoto uit 1989/1990 met Peter Link zittend tweede van links en Thomas van Ossane staand vierde van rechts. Marijke Enninga zittend tweede van rechts, Iris de Loos staand tweede van rechts.

woensdag 21 april 2010

Marijke Enninga en de historie van OBS Benoordenhout - deel 1

Sinds we zijn begonnen met het historisch onderzoek hebben we al veel mensen geïnterviewd. Voor een van de interviews reisden we helemaal naar Zuid-Limburg af. Hoog tijd om het dichter bij school te zoeken, en wel op school zelf, want een van de docenten heeft ook al een rijke geschiedenis op school liggen. Haar loopbaan begon op de Van Nijenrodeschool. Deze school fuseerde midden jaren ’80 met de prof. Casimirschool. Na de fusie heette de school OBS Benoordenhout. Hierover meer in een volgend blogbericht.

Voor het eerst voor de klas

Marijke Enninga begon in 1976 als juf Enninga op de Van Nijenrodeschool waar op dat moment Hans Stel hoofd van de school was. Ze is deze baan ingerold na het afronden van de Pedagogische Academie. Ze vulde een stencil van de gemeente in. Na een sollicitatiegesprek in de Javastraat met onderwijsinspecteur Ringelberg ontving ze een oproep om naar het stadhuis te komen. Na een gesprekje met Ringelberg werd ze naar de Van Nijenrodestraat gestuurd, waar ze diezelfde dag nog voor de klas stond. Marijke Enninga was toen 20 jaar en werd als zevende leerkracht aangesteld op school, omdat er een combinatieklas bij kwam. Hierbij de klassenfoto van haar eerste klas. Ze begon in een combinatieklas in de middenbouw. De leerlingen waren toen nog heel braaf.


De eerste schookklas van Marijke, 1976

Het schoolgebouw aan de Van Nijenrodestraat

Marijke Enninga denkt met veel plezier terug aan het gebouw aan de Van Nijenrodestraat. Enerzijds omdat het haar eerste baan was, maar ook omdat het een ruim gebouw was met grote lokalen, ruime gangen met nissen. Er waren meerdere speelplaatsen. Voor, achter, aan de zijkant, een speeltuintje dat de school met Wolters deelde en een sportveldje waar in de zomer buiten gegymd werd. Op onderstaande foto uit 1976 staat het team van de Van Nijenrodeschool. Ze staan op het balkon dat aan de personeelskamer lag. Zodra het mooi weer werd, zaten ze daar te lunchen. De lunchpauze was in die tijd nog van 12 tot 13.30 uur. Veel kinderen gingen tussen de middag naar huis of speelden op het achterplein en op het balkon zaten de docenten heerlijk rustig.


Met het team op het balkon. V.l.n.r.: Gerard […], Christien van Denderen, Hans van Genugten, Marijke Enninga, Rarda Bongers, Ge Kunze en schoolhoofd Hans Stel

Verschillen tussen toen en nu

Als Marijke terugkijkt op de afgelopen 34 jaar vindt ze dat er wel het een en ander is veranderd in het onderwijs. Vroeger schreef je onder een werkje het aantal fouten. Tegenwoordig benadruk je meer wat er goed gaat. Ze geeft aan dat toen ze net begon alle leerlingen op hetzelfde niveau wilde brengen. Het onderwijs is nu meer aangepast aan de verschillen tussen kinderen. Op de pedagogische academie had ze niveaulezen gehad. Dat was voor oudere collega’s een grote verandering. Met het niveaulezen kwamen ook de leesmoeders de school binnen. De ouderparticipatie kwam ook in die periode op. Verder zijn de schoolboeken natuurlijk veranderd en kwamen er computers op school.

Marijke heeft zelf het gevoel haar hele leven op één school te hebben gewerkt, maar dan wel op verschillende vestigingen van die school. En nadat ze 34 jaar geleden is begonnen als juf Enninga kennen de leerlingen en ouders haar nu als juf Marijke.

dinsdag 6 april 2010

Mevrouw Haaxman-Broer, lesgegeven van 1947 tot 1952

Juffrouw Broer
Mevrouw Haaxman-Broer heeft n.a.v. het oproepje in het wijkblad Benoordenhout contact met ons opgenomen. In het voorjaar van 1947 werd mevrouw Haaxman, toen nog juffrouw Broer, benoemd aan de OLS Weissenbruchstraat en ze bleef er tot 20 oktober 1952 in dienst. Eerst gaf ze nog een aantal maanden les in het schoolgebouw aan de Weissenbruchstraat. In september 1947 ging de school naar de Dreibholtzstraat en heeft de katholieke school (tegenwoordig de Paschalisschool) het hele pand in gebruik genomen. Later ging de dochter van mevrouw Haaxman ook naar de Prof. Casimirschool.

Naar de Dreibholtzstraat
Na de oorlog was het gebouw van de Duitse school aan de Dreibholtzstraat “onder beheer” komen te staan. Alle Duitse bezittingen kwamen na de oorlog onder staatstoezicht te staan. Mevrouw Haaxman vermoedt dat de gemeente Den Haag daarom de eerste keus had en dat de gemeente bepaalde dat de openbare school erin mocht. De pastoor van de Paschaliskerk had het pand graag in gebruik willen nemen. Het gebouw aan de Dreibholtzstraat werd opgeknapt en in 1947 kon de school het pand zo betrekken.

Op dat moment was meneer Metman hoofd van de school en hij woonde in de rectorswoning die toen nog bij de school hoorde. Bruynzeel plaatste een mooie keuken in het huis en daarmee werd het een paradepaardje voor Bruynzeel. Mevrouw Haaxman herinnert zich dat je via het huis naar de school kon en dat deed meneer Metman ook.

Foto: Een Bruynzeelkeuken van Piet Zwart uit 1938. Bron: www.digischool.nl

Prof. Casimirschool
Nadat de school naar de Dreibholtzstraat was verhuisd, moest de school een andere naam hebben. Er werd over gestemd in de oudercommissie en er werd unaniem voor de naam Prof. Casimirschool gekozen. Prof. Casimir was rector geweest van het Nederlands Lyceum en een bekend pedagoog. Hij kwam met zijn vrouw de school openen. Later kwam hij ook nog wel langs en had dan vaak iets lekkers mee voor de kinderen. In die tijd zat een zoon van de kunstschilder Vollmer op school. Hij heeft voor de school een portret van Prof. Casimir geschilderd. Toen mevrouw Haaxman jaren geleden langs de school liep en er een fancy fair werd gehouden, werd dit betreffende portret te koop aangeboden. Mevrouw Haaxman maakte er een opmerking over en er werd haar gezegd dat ze geen idee hadden wie er op het portret stond.....

Weer terug op school
Veel later, rond 1975, is mevrouw Haaxman weer les gaan geven op school, als invaller. Het was in die tijd heel moeilijk om aan invallers te komen. PABO-studenten konden toen heel eenvoudig voor een periode naar het buitenland en er was dus geen invaller te krijgen. Via een moeder van school werd ze benaderd of zij niet in wilde vallen. Eerst wilde ze niet, maar uiteindelijk heeft ze het wel gedaan.

Collega's
Mevrouw Haaxman heeft in al die jaren een aantal directeuren meegemaakt. Toen zij begon met werken was Metman directeur. Hoewel Metman een autoritair hoofd was, kon mevrouw Haaxman het goed met hem vinden.

Nadat de heer Metman was overleden werd de heer Koelma het hoofd van de school. In de tijd dat haar dochter op school zat, was hij directeur. Koelma gaf aan dat hij niet in de rectorswoning wilde wonen, hij woonde erg mooi in Rijswijk. De weduwe van de heer Metman is er blijven wonen. Mevrouw Haaxman herinnert zich Koelma als een begaafd man die veel gezag en invloed had. Toen mevrouw Haaxman later terugkeerde als invaller was Van Ossane directeur.


Klassenfoto 6de klas uit 1953 of 1954 met de heer Koops (rechtsachter). Leerlingen op de foto: Gerard Arkenbout, Hans Hoppe, Wim Henry Bourquin, Paul Van Gelder, Henk de Kat, Aukje Bolle, Albertine (Tinus) Bijl. Met dank aan www.haagsescholen.nl.


Van haar collega's herinnert mevrouw Haaxman zich nog juffrouw Gisolf, met wie ze ook op schoolreis ging, bijvoorbeeld naar de Kaasmarkt in Gouda. Ook meneer Koops kan zij zich nog herinneren, net als mevrouw Clignett. Op een gegeven moment werd mevrouw Haaxman gebeld door juffrouw Mantz, die les gaf aan de Van Nijenrodeschool, of de Prof. Casimirschool een leuke school was. Daarna vroeg ze overplaatsing aan. Leerlingen moesten van haar het Wilhelmus leren en kregen ook les in het vouwen van de vlag. En dan was er ook nog juffrouw Mendez, die erg lief was voor de kinderen en veel deed voor goede doelen.

donderdag 18 maart 2010

De Vogels



Een beetje verscholen achter de vegetatie en wat groen uitgeslagen zit een “paar in steen gehakte vogels” nog steeds op de pijlers aan weerszijde van het toegangshek tot schoolplein en school.* De maker van de reliëfs is de Haagse beeldhouwer Johan ‘Jan’ Coenraad Altorf (1876 – 1955) en bij nadere inspectie lijken de vogels uilen, een dier waarvoor hij – binnen zijn oeuvre - een duidelijke voorkeur voor heeft ten toon gespreid.
Sinds de oudheid verbeeldt de uil wijsheid. Vanwege zijn nachtelijke activiteit en ziende blindheid gedurende de dag, symboliseert het dier later ook wel domheid, duistere geesten en alles wat het daglicht niet kan verdragen. Parallel staat de uil in een meer positieve christelijk iconografie echter voor de overwinning op de dood (de nacht) en goddelijk inzicht. Wijsheid blijft dus een belangrijke associatie met de uil wat eeuwen later maar weer in de entree tot ‘ons’ schoolplein maar ook de Fabeljeskrant tot uiting komt.

Het incorporeren van een dergelijk kunstwerk past bij de periode waarin de school (1923-1925) gebouwd is. Geïnitieerd door het in H.P. Berlage’s Amsterdamse Koopmansbeurs (de z.g. Beurs van Berlage, 1903) geïntegreerde beeldhouwwerk heeft de beeldhouwkunst een nieuwe rol en esthetiek gevonden.** Binnen Berlage’s architectuur ontstaat wat wel wordt aangeduid als bouw-beeldhouwkunst. Dat is een beeldhouwkunst die rekening houdt met de constructieve en suggestieve aspecten van het gebouw en daarmee de architectuur mede accentueert en definieert. Anders gezegd, vanaf nu worden beelden niet meer los aan een gebouw toegevoegd maar vormen ze letterlijk bouwstenen voor het gebouw (als Gesamtkunstwerk).
Wat betreft de esthetische aspecten zijn grondleggers Lambertus Zijl (1866-1947) en Joseph Mendes da Costa (1863-1939) onder andere geïnspireerd door Egyptische en Mesopotamische beeldhouwkunst, zoals te zien in het Leids Museum van Oudheden. Binnen deze twee culturen is de beeldhouwkunst, volgens de twee beeldhouwers, gereduceerd tot haar essentie en een onderdeel van de architectuur.
De stoere, zware maar ook vloeiende esthetiek van Zijl en da Costa sluit aan bij de Art Nouveau en ontwikkelt zich vervolgens, in de handen van de volgende ‘generatie’ tot de Art Deco van de Amsterdamse en Nieuwe Haagse School.

Jan Altorf is een navolger van Zijl en Mendes da Costa. Hij komt uit een handwerkersmilieu. Terwijl hij in de leer is bij een stoelenmaker volgt hij avondlessen aan de Haagse academie en ontwikkelt zich tot beeldhouwer. Na bescheiden bijdragen, i.s.m. J. Thorn Prikker, aan de decoratie van de befaamde Villa de Zeemeeuw van Henri van der Velde (1902, niet ver van het huidige Madurodam) komt zijn beeldhouwwerk terecht in belangrijke Nederlandse collecties zoals die van Helene Kröller Müller. Hij neemt deel aan verschillende internationale tentoonstellingen, zoals de 1925 “Art Deco’ tentoonstelling in Parijs, en ontwerpt meubilair en bestek. Altorf is echter bovenal bekend als beeldhouwer van veel van het werk op gebouwen van de Nieuwe Haagsche School.
Rond ‘onze’ school is zijn werk onder andere te vinden in het exterieur van woonhotels aan de van Hogenhoucklaan (De Hogenhout, 1929-1930) van Zaeckstraat – beide van Frans Lourijsen – en het woonhotel aan het Josef Israelsplein van Jan Wils en Frans Lourijsen (1925-1926). Daarnaast siert zijn beeldhouwkunst het interieur van diverse andere gebouwen in de buurt.
Altorfs voorkeur voor vooral de uil en de aap maar ook andere dierfiguren maakt hem in wezen een z.g. animalier.*** Onder invloed van een romantisering van de natuur en een hang naar exotisme ontwikkelt het beeldhouwen van dieren zich gedurende de 19de eeuw namelijk tot een zelfstandig genre.
Stylistisch past Altorfs werk binnen wat vanaf 1925 als Art Deco wordt aangeduid. Hij herleidt zijn onderwerpen middels analyse tot hun kenmerkende onderdelen. Door deze ‘reductie’ en een hernieuwde synthese (samenvoeging) resulteert dit in een ‘afbeelding’ van de essentie van het onderwerp en een strakke gestileerde vorm die uitstekend werkt als onderdeel van architectuur of uitgangspunt voor kunstnijverheid. De gepolijste afwerking van veel van Altorfs stukken kost veel tijd en maakt ze kostbaar.
Dat een dergelijk kunstenaar een bijdrage aan het nieuwe gebouw voor de ‘Duitse School’ levert is ook een gevolg van een (gebruikelijke) financiële constructie rond de bouw waarbinnen de gemeente een hoofdrol speelt. Mede ingegeven door lobbyende kunstenaarsverenigingen verkent dezelfde gemeente in deze periode immers de (verheffende) rol die beeldhouwkunst in de publieke ruimte kan spelen. Structureel leidt dit uiteindelijk tot niet veel meer dan een niet uitgevoerd voorstel voor een voorloper van de 1% regeling maar er is wel een budget voor de ‘decoratie’ van scholen en de mogelijkheid individuele voorstellen ‘in te dienen’.

E.J.M.

Deze keer als teaser niet verder dan het hek, een volgende keer de oorspronkelijke plattegronden, à suivre.

* Het Vaderland, avondblad 24 april 1925, p.2 zie ook eerdere bijdragen

** De oorsprong van de moderne herontdekking van beeldhouwkunst als integraal onderdeel van de architectuur ligt wat Nederland betreft in sommige aspecten nog iets verder terug in de 19de eeuw nl. de opvattingen en het werk van P.J.H. Cuypers (1827-1921), gebaseerd op de Middeleeuwse Bouwpraktijk, zoals geïllustreerd in het Rijksmuseum (Amsterdam, 1885).

*** Eén van de meest beroemde animaliers is Rembrandt Bugatti (1884-1916), de broer van de autofabrikant. Hij modelleert naar echte dieren (in de dierentuin) maar maakt een impressie, een schets als het ware, waarbij zijn vingerafdrukken en sporen van het kneden en afschrapen in het klei achterblijven – en dus ook in het bronzen afgietsel aanwezig zijn. Veren en pels worden gesuggereerd in plaats van een precisie naturalistische weergave zoals daarvoor. Later, in de aanloop tot de Art Deco, stroomlijnt hij ‘zijn’ dieren steeds meer tot, net als bij Altorf, alleen de essentiële kenmerken van het dier worden weergegeven.]



Het toegangshek met de vogels (foto EJM)